Overige baten en lasten - Beheer algemene middelen

Beleidskaders, -monitors en wetgeving

Dit taakveld bevat de Algemene Reserve, de bestemmingsreserve Rotterdamse Investeringsmotor, de bestemmingsreserve Taakmutaties gemeentefonds, concernbrede stelposten en de post onvoorzien

Weerstandsvermogen

Eén van de uitgangspunten van het gevoerde financieel beleid is dat het weerstandsvermogen minimaal 1,0 bedraagt. Hiervoor wordt verwezen naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Omwille van een sluitend financieel meerjarenbeeld is op dit taakveld tot toevoegingen en onttrekkingen aan de Algemene reserve besloten.

 

Concernbrede stelpost Bestuursopdracht Vastgoed

Bij de Voorjaarsnota 2019 is besloten op dit taakveld de concernbrede stelpost bestuursopdracht Vastgoed met ingang van 2021 en structureel voor € 14,8 mln op te nemen. De opdracht binnen de bestuursopdracht Vastgoed was te komen tot een toekomstbestendige begroting vastgoed. Bij Begroting 2021 is deze bestuursopdracht grotendeels ingevuld; er resteerde een tekort van € 11,7 mln vanaf 2024. De Voorjaarsnota 2021 bevat een oplossing hoe deze restant stelpost kan worden opgelost (ziet taakveld Beheer overige gebouwen en gronden).

Ontwikkelingen 2022-2025

De algemene uitkering van het gemeentefonds is geïndexeerd op basis van de loon- en prijsontwikkelingen van het Centraal Planbureau (CPB). Als onderdeel van het fixeren van het gemeentefonds voor het jaar 2021 worden deze percentages/bedragen niet meer bijgesteld.

De Voorjaarsnota 2021 is gebaseerd op inschattingen van inflatiepercentages van het Centraal Planbureau (CPB) van maart 2021. Nog niet gepubliceerde werkgeverspremies (met name pensioenpremies) én een nog niet afgesloten cao gemeenteambtenaren vanaf het jaar 2021 kunnen nog leiden tot financiële consequenties. Dit wordt meegenomen bij het opstellen van de Begroting 2022 / Tweede Herziening 2021. 

Wat kost het

Eerste HerzieningVoorjaarsnota
Overzicht van baten en lasten Overige baten en lasten - Beheer algemene middelenRealisatie
2020
Begroting
2021
Raming
2022
Raming
2023
Raming
2024
Raming
2025
Lasten exclusief reserves57.8895.75741.04040.58144.92644.926

Programmalasten 57.889 5.757 41.040 40.581 44.926 44.926
Inkopen en uitbestede werkzaamheden 1.987 5.757 41.040 40.581 44.926 44.926
Kapitaallasten 0 0 0 0 0 0
Overige programmalasten 52.000 0 0 0 0 0
Subsidies en inkomensoverdrachten 3.903 0 0 0 0 0
Saldo voor vpb en reserveringen -57.889 -5.757 -41.040 -40.581 -44.926 -44.926
Saldo voor reserveringen -57.889 -5.757 -41.040 -40.581 -44.926 -44.926
Reserves-1.234.50644.01266.530-43.332-88.153-80.015

Onttrekking reserves 80.563 66.125 101.676 6.957 11.164 13.075
Toevoeging reserves 1.382.258 42.516 52.446 67.589 111.618 105.389
Vrijval reserves 67.190 20.403 17.300 17.300 12.300 12.300
Saldo -1.292.395 38.255 25.490 -83.913 -133.080 -124.941

Financiële bijstellingen

Eerste
Herziening
Voorjaarsnota
Bijstellingen Overige baten en lasten - Beheer algemene middelenBegroting
2021
Raming
2022
Raming
2023
Raming
2024
Raming
2025
Oorspronkelijke begroting 2021 58.745 -16.801 -70.028 -62.006 -62.006
Bijstellingen Eerste Herziening / Voorjaarsnota 2021 -20.490 42.291 -13.886 -71.074 -62.936
Koers van de stad Intensiveringen 0 -1.000 0 0 0
Actualisatie kapitaallasten Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 532 -114 -141 2.301 5.211
Bestuursopdracht vervangingsinvesteringen Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 0 -760 -3.780 -9.070 -16.590
Extra storting in Rotterdamse Investeringsmotor Ramingsbijstellingen onvermijdbaar -190 -580 -630 -690 -510
Financiële effecten verkoop deelname in Eneco Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 0 0 0 0 -1.000
Indexatie Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 0 -35.000 -35.000 -35.000 -35.000
Invulling stelpost Beheer Algemene Middelen inzake Koers van de Stad Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 126 0 0 0 0
Invulling stelpost bestuursopdracht Vastgoed vanaf 2024 Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 0 0 0 -11.690 -11.690
Kapitaallasten nieuw investeringsbeleid Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 0 0 0 70 70
Actualisatie kapitaallasten Rotterdamse Investeringsmotor Reserves 0 0 0 0 0
Bestemmingsreserve Rotterdamse Investeringsmotor Reserves 0 0 0 0 0
Kredietrisicoreserve Reserves 0 0 0 0 0
Sluitpost Algemene Reserve Reserves -20.958 79.745 25.665 -16.995 -3.427
Technische wijzigingen Technische wijzigingen 0 0 0 0 0
Begroting na wijzigingen 38.255 25.490 -83.913 -133.080 -124.941

Toelichting financiële bijstellingen

Koers van de stad
Op 7 november 2019 heeft de raad de motie Koers van de stad aangenomen. Met de motie wordt beoogd de raad de gelegenheid te geven om voorafgaand aan het opstellen van de Voorjaarsnota aan het college wensen en bedenkingen mee te geven. In de begroting is voor 2021 eenmalig € 1 mln. gereserveerd. Voor 2022 wordt om invulling aan deze motie te geven opnieuw een bedrag ad € 1 mln. gereserveerd. 

 

Actualisatie kapitaallasten
Om de budgetten voor de kapitaallasten binnen het concern op peil te houden, wordt het verschil tussen de benodigde en geraamde budgetten aan de begroting toegevoegd. Indien geraamde budgetten voor kapitaallasten die tijdelijk niet nodig zijn om kapitaallasten te dekken- bijvoorbeeld door het later in tijd opleveren van te activeren projecten, lagere kapitaallasten dan geraamd of einde activering- kunnen deze vrijvallen en worden zij aan de Rotterdamse Investeringsmotor (RIM) toegevoegd om in de toekomst gebruikt te kunnen worden voor dekking van kapitaallasten voor vervanging, renovatie en restauratie van investeringen. Op basis van de daadwerkelijke activeringen per ultimo 2020 zijn de benodigde kapitaallasten meerjarig berekend, dienen de meerjarig geraamde budgetten kapitaallasten aangepast te worden en te worden verrekend met de RIM (zie actualisatie kapitaallasten Rotterdamse Investeringsmotor).

 

Bestuursopdracht vervangingsinvesteringen
Dit betreft een structurele ophoging van het budget voor kapitaallasten, dat beschikbaar is voor het vervangen, renoveren of restaureren van huidige bezittingen die aan het einde van hun levensduur zijn (basis op orde). Het betreft alle bezittingen in de openbare ruimte, maatschappelijk vastgoed, ICT en kantoorinrichting. De ophoging is nodig om de huidige budgetten geleidelijk op peil te brengen en om ze vervolgens door jaarlijkse indexering op peil te houden. Hiermee wordt structureel geborgd, wat nu nog jaarlijks - steeds opnieuw - moet worden geregeld (begrotingsrust). De bijstelling vloeit in belangrijke mate voort uit:
1. recente wetgeving, die gemeenten m.i.v. 2017 dwingt om hun investeringen met een maatschappelijk nut te activeren; de tijdelijke begrotingsmeevaller die uit deze stelselwijziging voortvloeide is destijds niet gereserveerd, maar ingezet voor andere doeleinden;
2. historische besluiten om investeringen te dekken uit incidentele middelen;
3. het niet indexeren van budgetten voor kapitaallasten.
De structurele ophoging wordt geraamd op 2022: € 0,8 mln. 2023: € 3,8 mln.; 2024: € 9,1 mln. en 2025: € 16,6 mln.

 

Extra storting in Rotterdamse Investeringsmotor
Een extra storting in de Rotterdamse Investeringsmotor (RIM) is opgenomen ter dekking van een aantal extra investeringsimpulsen in stadsprojecten en in woningbouw. Deze extra impulsen leiden tot structureel hogere lasten. Deze eenmalige verhoging van het investeringsvoorstel wordt gedekt door structureel extra middelen te storten in de Rotterdamse Investeringsmotor.

 

Financiële effecten verkoop deelname in Eneco
Als gevolg van de verkoop van de aandelen Eneco ontvangt de gemeente vanaf 2021 minder inkomsten uit dividend. In de begroting en meerjarenraming 2020 is nog rekening gehouden met een jaarlijks dividend van € 14,9 mln. Tegelijkertijd levert de verkoop voor langere tijd een financieringsvoordeel op. Dit voordeel wordt geraamd op structureel € 6,5 mln. Per saldo leidt de verkoop van Eneco tot een structureel begrotingsknelpunt van € 8,4 mln. Met de vaststelling van de Beleidsnota Investeringen Rotterdam 2020 heeft de raad besloten dat, indien met de verkoop van bezit begrote inkomsten wegvallen, de verkoopopbrengst kan worden ingezet om de begrotingstegenvaller op te vangen. Op grond hiervan wordt voorgesteld om een deel van de verkoopopbrengst Eneco (€ 30,9 mln) aan te wenden voor het geleidelijk – gedurende een periode van 8 jaar en in een aflopende reeks van bijdragen - opvangen van het eerdergenoemde structurele begrotingsknelpunt van € 8,4 mln. Voor 2025 leidt dit tot een extra financieringsopgave van € 1 mln t.o.v. 2024.

 

Indexatie
Bij de Voorjaarsnota 2021 wordt meerjarig een bedrag gereserveerd voor indexatie van jaarlijks € 35 mln. Deze middelen worden in principe doorgezet naar de betreffende taakvelden en hebben daarmee concernbreed een budgettair neutraal effect. Het uitgangspunt is dus dat er reguliere indexatie van de begroting plaatsvindt. De ontvangsten worden als baten verwerkt op het taakveld Algemene uitkeringen en overige uitkeringen Gemeentefonds en de doorgezette bijdragen vooralsnog als lasten op dit taakveld. De verwerking naar de betreffende taakvelden vindt plaats bij de Begroting 2022 / Tweede Herziening 2021.

 

Invulling stelpost Beheer Algemene Middelen inzake Koers van de Stad
Op 7 november 2019 heeft de raad de motie Koers van de stad aangenomen. Met de motie wordt beoogd de raad de gelegenheid te geven om voorafgaand aan het opstellen van de Voorjaarsnota aan het college wensen en bedenkingen mee te geven. In de begroting is voor 2021 eenmalig € 1 mln gereserveerd. De raad heeft bij de behandeling van de Begroting 2021 daartoe verschillende amendementen voor een totaalbedrag van € 769 aangenomen. Van het resterende bedrag wordt € 126 ingevuld voor een drietal voorstellen (Afvalligheidscampagne, Dierenambulance Rotterdam en een dagje op zijn Rotterdams; zie taakvelden Samenkracht en burgerparticipatie en Openbaar groen en (openlucht) recreatie - NME)

 

Invulling stelpost bestuursopdracht Vastgoed vanaf 2024
In de Voorjaarsnota 2019 is besloten om voor de jaarschijven 2021 en verder € 14,8 mln toe te kennen aan vastgoed en de tegenhanger daarvan vooralsnog als concernbrede stelpost op dit taakveld te ramen. De opdracht binnen de Bestuursopdracht Vastgoed was te komen tot een toekomstbestendige begroting vastgoed. Bij de Begroting 2021 is een nieuwe meerjarenbegroting opgebouwd op basis van realistische inschatting van de kosten en baten. Deze nieuwe begroting vastgoed biedt mogelijkheden om concernbrede stelposten tot 2024 op te lossen. Hierdoor resteert er echter een tekort van € 11,7 mln in 2024 e.v.. Hiervoor is bij de Begroting 2021 opnieuw een concernbrede stelpost opgenomen. De Voorjaarsnota 2021 bevat een oplossing hoe deze stelpost kan worden opgelost (zie taakveld Beheer overige gebouwen en gronden) en valt op dit taakveld vrij.
 

Kapitaallasten nieuw investeringsbeleid
Met de vaststelling van de Beleidsnota Investeringen Rotterdam 2020 wordt vanaf 2024 een derde deel van de reële groei van de algemene uitkering uit het gemeentefonds en van de inkomsten uit belastingen ingezet voor het borgen van de investeringsruimte voor nieuwe, financieel onrendabele investeringen in de jaren 2020 e.v. Bij de Begroting 2021 heeft dit bij de toenmalige groeiverwachtingen geleid tot een structurele claim vanaf 2024 van € 4,5 mln. Op basis van actuele inzichten moet het bedrag voor 2024 en 2025 met € 70.000 worden verlaagd.

 

Actualisatie kapitaallasten Rotterdamse Investeringsmotor
Om de budgetten voor de kapitaallasten binnen het concern op peil te houden, wordt het verschil tussen de benodigde en geraamde budgetten aan de begroting toegevoegd. Indien geraamde budgetten voor kapitaallasten die tijdelijk niet nodig zijn om kapitaallasten te dekken- bijvoorbeeld door het later in tijd opleveren van te activeren projecten, lagere kapitaallasten dan geraamd of einde activering- kunnen deze vrijvallen en worden zij aan de Rotterdamse Investeringsmotor (RIM) toegevoegd om in de toekomst gebruikt te kunnen worden voor dekking van kapitaallasten voor vervanging, renovatie en restauratie van investeringen. Op basis van de daadwerkelijke activeringen per ultimo 2020 zijn de benodigde kapitaallasten meerjarig berekend, dienen de meerjarig geraamde budgetten kapitaallasten aangepast te worden en te worden verrekend met de RIM (zie actualisatie kapitaallasten).

 

Bestemmingsreserve Rotterdamse Investeringsmotor
Binnen het taakveld Beheer Algemene Middelen is de algemene onttrekking aan de Rotterdamse Investeringsmotor (RIM), jaarlijks ca. € 350, gesaldeerd met de toevoeging aan de RIM en ontstaat een neutrale wijziging in de mutaties met deze reserve.

 

Kredietrisicoreserve
Betreft correctie van de toevoeging aan de kredietrisicoreserve inzake verstrekte leningen aan Ahoy en Blijdorp. Deze leningen zijn verstrekt vanwege de financiële gevolgen van corona. Deze toevoeging is bij de Begroting 2021 uitgevoerd en wordt hierbij gecorrigeerd. De dekking en financiering van deze leningen vinden namelijk plaats vanuit de bestemmingsreserve Rotterdamse Investeringsmotor (RIM).

 

Sluitpost saldo Algemene Reserve
Voor een sluitende meerjarenbegroting wordt het geraamde saldo verrekend met de Algemene reserve.

 

Technische wijzigingen
Het betreft technische correctie en allocatie budgetten binnen Beheer Algemene Middelen.

 

Beleidskaders, beleidsmonitoren en wet- en regelgeving

Wet- en regelgeving

Beleidskaders

Omschrijving taakveld

Dit taakveld bevat de Algemene Reserve, de bestemmingsreserve Rotterdamse Investeringsmotor, de bestemmingsreserve Taakmutaties gemeentefonds, concernbrede stelposten en de post onvoorzien.

De Algemene reserve behoort tot het weerstandsvermogen, dat middelen omvat die de gemeente vrij kan inzetten om het begrotingsbeeld sluitend te houden en om onvoorziene financiële risico’s af te dekken. Het onderdeel Reserves bevat het meerjarig verloop van deze reserve.

In het coalitieakkoord is als uitgangspunt opgenomen dat er gestuurd wordt op een weerstandsvermogen van minimaal 1,0. Daarbij is het weerstandsvermogen geënt op de financiële risico’s. Verwezen wordt naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.

De Rotterdamse Investeringsmotor (RIM) is een bestemmingsreserve. De gelden in deze reserve zijn bedoeld om in het kader van de meerjarige investeringsplanning concernbrede investeringsprojecten te kunnen dekken.

Het BBV schrijft voor dat de begroting een post onvoorzien bevat, zonder hiervoor een maximale of minimale hoogte voor te schrijven. Rotterdam heeft in 2017 de hoogte van dit bedrag structureel begroot op € 600. Dit komt neer op circa € 1,00 per inwoner.