Milieubeheer - Duurzaam, bodem, geluid en handhaving

Beleidskaders, -monitors en wetgeving

Verminderen van geluidsoverlast.

Betere regie op het gebruik van de ondergrond.

Een adequaat extern veiligheidsniveau voor alle inwoners.

Verduurzaming van de gemeentelijke bedrijfsvoering en verduurzaming gemeentelijk vastgoed.

De doelstellingen van het taakveld zoals opgenomen onder 'Wat willen we bereiken' en 'Wat gaan we daarvoor doen' zijn nog actueel.

Bij de start van het jaar hebben we ons nog steeds te verhouden tot de coronacrisis en realiseren we ons te meer op hoe waardevol begrippen als gezondheid en veiligheid zijn. Daarnaast zorgt het voor een opwaardering van het belang van een gezonde en aantrekkelijke woon- en leefomgeving. Dit zijn de kernbegrippen aan de hand waarvan de doelen op het gebied van (collegetarget) luchtkwaliteit, geluid, bodem en omgevingsveiligheid zijn geformuleerd. Aandacht voor deze thema’s is onverkort van belang.  

De coronacrisis heeft een positieve invloed op de voortgang van de collegetarget ’Een betere luchtkwaliteit met het oog op gezondheid en vanaf 2020 geen straten meer waar de Europese gezondheidsnorm voor NO2 wordt overschreden’. Het betreft vooralsnog een korte termijn invloed. In het jaar 2020 was er sprake van een lagere verkeersintensiteit, vooral het gevolg van de coronamaatregelen. Hierdoor is de luchtkwaliteit in het jaar 2020 aanzienlijk verbeterd. De impact van de coronacrisis is naar verwachting tijdelijk; bij een weer aantrekkende economie blijven de maatregelen uit de Koersnota Schone Lucht noodzakelijk.

Ten aanzien van het collegetarget ‘In 2022 is de jaarlijkse Rotterdamse uitstoot van CO2 omgebogen naar een dalende trend’ zien wij een positieve (korte termijn) invloed. De economische ontwikkelingen hebben een (licht) positieve impact op de CO2 uitstoot. Daar staat tegenover dat voorgenomen investeringen door bedrijven in verduurzaming door de effecten van de crisis vertraging op kunnen lopen.

De huidige ontwikkelingen bieden zowel kansen als bedreigingen. Al zou corona op korte termijn tot minder emissies kunnen leiden, het risico bestaat dat de investeringen, die vandaag nodig zijn voor een beperking van de toekomstige emissies, onder druk komen te staan. De inzet vanuit de gemeente voor deze lange termijn doelstellingen zal niet minder worden maar eerder meer; er is immers een grote kans dat de noodzakelijke systeem- en gedragsverandering worden vertraagd of uitgesteld. We blijven zoeken naar alternatieve manieren om bewoners te bereiken en betrekken bij het verduurzamen van hun woningen.

De inspanningen voor de 2030 doelstellingen moeten daarom onverminderd door en betaalbaarheid wordt nog belangrijker. De energietransitie moet voor iedereen haalbaar en betaalbaar zijn. Daartoe is in 2021 een aantal regelingen gelanceerd. Bovendien is extra aandacht voor doelgroepen met een smalle beurs, o.a. door middel van samenwerking met maatschappelijke partners in specifieke wijken.

Vanwege de gevolgen van de coronapandemie hebben we een aantal regelingen versneld en/of opgeschaald opgezet. Naar verduurzaming hebben deze regelingen tot doel om werkgelegenheid te stimuleren, de koopkracht te vergroten en/of te zorgen voor het vergroten van de omzet van Rotterdamse bedrijven. Voor verschillende doelgroepen zijn specifieke regelingen, zoals energietransitieleningen voor particuliere woningeigenaren en instellingen, vouchers voor verduurzamingsinterventies in huis en vouchers voor ondernemers op bedrijventerreinen, Door deelname aan het Klimaatfonds werken we aan meer zonnepanelen in de stad, ondersteund met extra faciliterende inzet. Zo helpen we Rotterdamse bewoners en bedrijven gericht vooruit richting een toekomstbestendig Rotterdam.

In het uitvoeringsplan energietransitie hebben we een aantal maatregelen opgenomen waarin we energiebesparing en hernieuwbare energie in de gebouwde omgeving stimuleren met aandacht voor werkgelegenheid en energiearmoede. Er is meer zicht op de ontwikkeling van de werkgelegenheid door een monitor die is opgezet waarmee inzichtelijk wordt hoe de werkgelegenheid de afgelopen tien jaar is ontwikkeld op de thema's die relevant zijn voor de energietransitie (zoals laadpalen, zonnepanelen en isolatie). De stap die nu wordt gezet is om het Rotterdamse MKB te stimuleren op te schalen of over te stappen naar duurzame technieken.

In Rotterdam werken we samen met Rijk, provincie, regio en de stad aan de uitvoering van de afspraken uit het landelijke klimaatakkoord (2019). De Regionale Energie Strategie (RES) 1.0 Rotterdam Den Haag is het resultaat van de samenwerking tussen 23 gemeenten, 4 waterschappen, de provincie Zuid-Holland en netbeheerders. In de RES staan de keuzes die de regio maakt over hoe ze de nationale CO2-doelstellingen wil bereiken: waar en hoe ze het best duurzame elektriciteit kan opwekken, welke energiebronnen ze kan gebruiken en hoe duurzame brandstoffen een rol kunnen spelen. Bij deze keuzes speelt betaalbaarheid een belangrijke rol, evenals goede ruimtelijke kwaliteit en inpassing, betrokkenheid van inwoners en maatschappelijk draagvlak. Rotterdam zet al stevig in op diverse maatregelen die de energietransitie vormgeven en versnellen. Bestaand Rotterdams beleid voor de energietransitie is dan ook overgenomen in de RES 1.0. Daarmee zijn ons beleid en onze ambities ook regionaal verankerd.

 

Ontwikkelingen 2022-2025

De ambitie om in deze collegeperiode 18.000 woningen te realiseren binnen bestaand gebied leidt ertoe dat ook gebouwd moet worden op locaties nabij snel-, spoor- en vaarwegen of industrieterreinen, waar grote opgaven liggen op het gebied van luchtkwaliteit, geluid, bodem en externe veiligheid. Betrokkenheid vanuit milieu bij deze ontwikkelingen is daarom van essentieel belang. Tijdens de Coronacrisis is het besef dat een gezonde leefomgeving van groot belang is alleen maar toegenomen.

Wat willen we bereiken

Effect indicatoren

Wat gaan we daar voor doen

Kansen maximaal benutten

Effectindicatoren 2017201820192020202120222023
Collegetarget 1: De stijging van de CO2-uitstoot wordt in deze collegeperiode omgebogen naar een dalende trend die leidt tot 49% CO2-reductie in 2030, gemeten t.o.v. het jaar 1990. Streefwaarde   niet >31,9 Mton niet >31,9 Mton <31,9 Mton <31,9 Mton  
Realisatie 31,9 Mton 29,9 Mton 29,0 Mton niet bekend (zomer 2021)    
Collegetarget 2: Vanaf 2020 zijn er geen straten meer waar de Europese gezondheidsnorm voor NO2 wordt overschreden. Ook na 2020 blijven we werken aan het verder verbeteren van de luchtkwaliteit.              
Jaargemiddelde* Streefwaarde   16 12 8    
Realisatie***

 

4

0

***    
Uurgemiddelde** Streefwaarde 0 0 0 0    
Realisatie 0 0 0 pm pm  
* Betreft het aantal toetspunten > NO2 40 g/m3 (jaargemiddelde gebaseerd op NSL voorgaande jaar)

** Betreft het aantal meetstations met >18 keer per jaar overschrijding NO2 200g/m3 (uurgemiddelde, gebaseerd op jaarverslag DCMR)

*** Overeenkomstig de afspraken in het definitieboekje van de collegetargets zijn de gegevens m.b.t. realisatie 2020 in Q4 van 2021 beschikbaar. Op basis van een eigen monitor is berekend dat er geen wettelijke overschrijdingen van de EU-normen voor NO2 meer zijn.

Toelichting indicatoren

Collegetarget 1: ‘De stijging van de CO2-uitstoot wordt in deze collegeperiode omgebogen naar een dalende trend die leidt tot 49% CO2-reductie in 2030’. Met het vooruitzicht, door de doorrekening van maatregelen in en rond het Rotterdams Klimaatakkoord, een robuuste invulling om deze daling door te zetten. Wij zijn er echter nog niet. Om deze trend door te zetten naar 2030 is opschaling, verbreding en doorzettingskracht nodig.

Collegetarget 2: De luchtkwaliteit wordt beïnvloed door de totale uitstoot van de verschillende bronnen (verkeer, scheepvaart en industrie) maar ook door de weersomstandigheden. Warm weer of mist kunnen leiden tot hogere concentraties, regen en wind tot lagere concentraties. In de afgelopen twee jaar is het aantal knelpunten teruggebracht van twaalf naar nul. Onze monitor toont aan dat ook het laatste knelpunt (bij Doklaan bij de Maastunnel) is opgelost, mede dankzij extra inzet in de vorm van verkeersmaatregelen. De definitieve cijfers zijn echter pas in Q4 van 2021 beschikbaar (zoals is aangegeven in het definitieboekje van de collegetargets).

Wat kost het

Eerste HerzieningVoorjaarsnota
Overzicht van baten en lasten Milieubeheer - Duurzaam, bodem, geluid en handhavingRealisatie
2020
Begroting
2021
Raming
2022
Raming
2023
Raming
2024
Raming
2025
Baten exclusief reserves5.8505.8223.767000

Bijdragen rijk en medeoverheden 4.099 5.822 3.767 0 0 0
Financieringsbaten 1.056 0 0 0 0 0
Overige opbrengsten derden 695 0 0 0 0 0
Overige baten 0 0 0 0 0 0
Lasten exclusief reserves41.16575.58164.90442.29424.95724.745

Apparaatslasten 4.054 6.988 7.269 6.428 6.428 6.428
Inhuur 126 583 854 13 13 13
Overige apparaatslasten 69 92 102 102 102 102
Personeel 3.859 6.313 6.313 6.313 6.313 6.313
Intern resultaat 7.248 7.836 8.258 7.503 4.613 4.613
Intern resultaat 7.248 7.836 8.258 7.503 4.613 4.613
Programmalasten 29.863 60.757 49.376 28.363 13.916 13.704
Inkopen en uitbestede werkzaamheden 8.218 31.704 23.922 8.088 -6.386 -6.594
Kapitaallasten 528 523 531 562 594 590
Overige programmalasten 1 0 0 0 0 0
Subsidies en inkomensoverdrachten 21.116 28.531 24.923 19.713 19.709 19.709
Saldo voor vpb en reserveringen -35.315 -69.759 -61.137 -42.294 -24.957 -24.745
Saldo voor reserveringen -35.315 -69.759 -61.137 -42.294 -24.957 -24.745
Reserves-6.28830.56723.2608.952-54-54

Onttrekking reserves 5.750 33.271 23.260 8.952 0 0
Toevoeging reserves 12.038 2.704 0 0 54 54
Vrijval reserves 0 0 0 0 0 0
Saldo -41.603 -39.192 -37.877 -33.342 -25.011 -24.799

Financiële bijstellingen

Eerste
Herziening
Voorjaarsnota
Bijstellingen Milieubeheer - Duurzaam, bodem, geluid en handhavingBegroting
2021
Raming
2022
Raming
2023
Raming
2024
Raming
2025
Oorspronkelijke begroting 2021 -34.183 -32.273 -32.794 -29.021 -29.021
Bijstellingen Eerste Herziening / Voorjaarsnota 2021 -5.009 -5.604 -548 4.010 4.222
Continuering intensivering Duurzaamheid Bezuinigingen/Taakstellingen 0 0 0 5.000 5.000
Duurzaamheid in gebiedsontwikkeling Intensiveringen -210 -641 0 0 0
Ruimtelijke programmatische impact Energietransitie Intensiveringen -490 -926 0 0 0
Actualisatie kapitaallasten Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 128 165 172 132 136
Onderbesteding dienstreizen en opleidingen Ramingsbijstellingen onvermijdbaar 10 0 0 0 0
Relatie ontwikkeling haven en stad - geluid en stikstof Ramingsbijstellingen onvermijdbaar -1.032 -1.635 0 0 0
Bestemmingsreserve Duurzaam Ramingsbijstellingen vermijdbaar -704 0 0 0 0
Continuering duurzaamheidsinzet Ramingsbijstellingen vermijdbaar -2.200 -2.200 0 0 0
Bestemmingsreserve Actieplan Luchtkwaliteit Reserves 0 0 0 0 0
Bestemmingsreserve Bodem Reserves 0 0 0 0 0
Bestemmingsreserve Duurzaam Reserves 0 0 0 0 0
Bestemmingsreserve Energietransitie Reserves 0 0 0 0 0
Bestemmingsreserve Taakmutaties Gemeentefonds Reserves 0 0 0 0 0
Bestemmingsreserve Windpark Hartelbrug II Reserves 0 0 0 0 0
Versterking omgevingsveiligheidsdiensten Taakmutaties -317 -317 -317 -317 0
Technische wijzigingen Technische wijzigingen -195 -52 -403 -805 -914
Begroting na wijzigingen -39.192 -37.877 -33.342 -25.011 -24.799

Toelichting financiële bijstellingen

Continuering intensivering Duurzaamheid

De intensiveringen vanuit het huidige coalitieakkoord worden concern breed teruggedraaid in deze voorjaarsnota. Dat geldt dus ook voor de inzet op Duurzaamheid vanaf 2024. Er wordt alternatieve dekking gezocht middels een Bestuursopdracht aan de directeur van Stadsontwikkeling. De lasten worden in de jaren 2024 en 2025 met € 5 mln bijgesteld.

 

Duurzaamheid in gebiedsontwikkeling

De gemeente wil jaarlijks 3.000 woningen bouwen, zodat er in 2040 zeker 50.000 woningen zijn bijgekomen. Volgens de Woonvisie is Rotterdam dan een stad met een aantrekkelijk woonmilieu en toekomstbestendige woningen van goede kwaliteit. Toekomstbestendig betekent ook inspelen op de grote transities die de stad komende decennia te wachten staan: energietransitie, circulaire economie en klimaatbestendig. Het Rotterdams Duurzaamheidskompas geeft richting aan de gemeentelijke aanpak van deze transities. Met duurzame gebiedsontwikkeling vertalen we dit in concrete en behapbare adviezen voor projecten en ontwikkelingen. Dit doen we aan het begin van een project of ontwikkeling, zodat we vertraging voorkomen. Zo brengen we de kwaliteitsimpuls vanuit de bouwopgave en doelstellingen vanuit duurzaamheid bij elkaar en bouwen we aan een toekomstbestendige stad. Hiervoor is in de Voorjaarsnota 2021 € 210 in 2021 en € 641 in 2022 aan middelen beschikbaar gesteld.

 

Ruimtelijke programmatische impact Energietransitie

De ruimtelijke gevolgen van de energietransitie nemen steeds duidelijkere vormen aan en worden steeds meer zichtbaar en voelbaar in onze directe leef- en werkomgeving. Omdat zoveel verschillende functies een beroep doen op de toch al schaarse ruimte in de stad, dwingt het ons de ruimte slimmer in te delen om toch plaats te kunnen bieden voor alle ambities die de groeiende stad heeft. Met de ruimtelijke impact van de energietransitie erbij, zoals met de 14 verkenningen aardgasvrije wijken, raakt het ambtelijk apparaat aan de grenzen van wat het aan kan. Hiervoor is in de Voorjaarsnota 2021 € 490 in 2021 en € 926 in 2022 aan middelen beschikbaar gesteld.

 

Actualisatie kapitaallasten

De kapitaallasten zijn aangepast op basis van daadwerkelijke activeringen in 2020, bijgestelde investeringskredieten alsmede geactualiseerde ramingen, omslagrente en bouwrente van de jaarschijven. Een volledig beeld van de kredieten is opgenomen in de paragraaf Investeringen.

 

Onderbesteding dienstreizen en opleidingen

Vanwege corona wordt er in 2021 minder gebruik gemaakt van het budget voor opleidingen en dienstreizen. De begroting is hierop aangepast.

 

Relatie ontwikkeling haven en stad – geluid en stikstof

In het kader van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) heeft het Rotterdamse havengebied de status van NOVI-gebied gekregen. Dat houdt in dat het Rijk, samen met de regiopartners, bekijkt wat nodig is om de gewenste ontwikkelingen tot stand te brengen. Voor het Rotterdamse havengebied zijn de volgende aandachtspunten benoemd: stikstof, geluid en energie- en grondstoftransitie. Op korte termijn zijn vooral stikstof en geluid van belang, omdat de bestaande situatie belemmeringen opwerpt voor de verdere economische ontwikkeling van de haven (stikstof) en de woningopgave (geluid) daar waar haven en stad elkaar raken. Om deze samenloop in goede banen te leiden wordt voor de jaren 2021 en 2022 respectievelijk € 1.032 en € 1.635 beschikbaar gesteld.

 

Continuering duurzaamheidsinzet

Vanuit duurzaamheid wordt de komende jaren meer inzet gevraagd dan voorzien op de vaste taken vanuit het zon-, wind- en dakenprogramma, zoals:

  • De inzet en inhuur voor de gebiedsaanpakken die nog niet door het Rijk vergoed worden;
  • De Warmtetransitievisie en de RES;
  • Structurele inzet om het ETF te beheren en uitvoering te geven aan lang lopende regelingen.

Hiervoor is in de Voorjaarsnota 2021 € 2,2 mln in 2021 en 2022 aan middelen beschikbaar gesteld.

 

Bestemmingsreserve Actieplan Luchtkwaliteit

In 2020 konden een aantal geplande activiteiten niet worden uitgevoerd als gevolg van de covid-19 maatregelen. Een aantal werkzaamheden zijn doorgeschoven naar 2021. Dit betreft onder andere werkzaamheden voor het zelf meten van de luchtkwaliteit en de campagne houtstook. De begroting wordt hierop bijgesteld. Het lastenbudget en de dekking uit de bestemmingsreserve Actieplan Luchtkwaliteit worden met € 648 naar boven bijgesteld.

 

Bestemmingsreserve Bodem

In 2020 en 2021 heeft een verschuiving in prioritering van aanpak plaatsgevonden, waardoor saneringen op andere tijdstippen zijn ingepland. De begroting wordt hierop bijgesteld. Het lastenbudget en de dekking uit de bestemmingsreserve Bodem worden met € 4,8 mln naar beneden bijgesteld.

 

Bestemmingsreserve Duurzaam

Dit jaar worden de volgende kosten verwacht, die gedekt worden uit de reserve:

  • Zon op Zuid, de begrote lasten worden aangevuld met € 60;
  • Het bidbook voor het World Energy Congres (WEC) (€ 300).

De lasten en de onttrekking aan de bestemmingsreserve worden in 2021 met € 360 naar boven bijgesteld.

  • Emerald Kalima Chemicals (EKC)

De gemeente Rotterdam heeft in 2020 de eerder verstrekte subsidie teruggekregen van EKC, omdat het stoomproject geen doorgang heeft gevonden. Het College stelt voor om de verplichting vanuit de Greendeal middelen in stand te houden en deze terugbetaalde subsidie te blijven reserveren voor stoomprojecten en/of uitwisseling restenergie. De lasten en onttrekking aan de bestemmingsreserve Duurzaam worden in 2021 met € 704 naar boven bijgesteld.

 

Bestemmingsreserve Energietransitie

Deze begrotingswijziging brengt de begroting in overeenstemming met het goedgekeurde uitvoeringsplan en de op 16 maart 2021 toegevoegde projecten, zoals beschreven in het addendum bij het uitvoeringsplan. Een aantal wijzigingen betreft het doorschuiven van budgetten van 2020 naar 2021, zoals project Programmatische aanpak Smart Energy Systems en project Werk maken van Zon. Daarnaast zijn nieuwe projecten toegevoegd, zoals project Programma Walstroom en project Energie van Rotterdam. De lasten en onttrekking aan de bestemmingsreserve Energietransitie worden met € 7,3 mln in 2021 en € 2,3 mln in 2022 naar boven bijgesteld.

 

Bestemmingsreserve Taakmutaties Gemeentefonds

In de koersnota Schone lucht zijn drie maatregelen benoemd. De bijstelling in de begroting betreft het pilotprogramma om kennis en ervaring op te doen voor walstroom voor de zeescheepvaart. Fase A is uitgevoerd en de vaststelling van de subsidie heeft plaatsgevonden in het 1e kwartaal 2021. Daarnaast is de aanvraag voor subsidie fase B in het 1e kwartaal 2021 gedaan. Het lastenbudget en de dekking uit de taakmutaties Gemeentefonds Samenwerkingsprogramma luchtkwaliteit worden in de begroting met € 766 naar boven bijgesteld, waarna de subsidie uitgekeerd kan worden.

Verder wordt de taakmutatie gemeentefonds rondom de Regionale Uitvoeringsdiensten (€ 102 in 2021) naar boven bijgesteld. In 2020 kon dit project niet volledig worden uitgevoerd als gevolg van de covid-19 maatregelen. Hierdoor is het budget doorgeschoven vanuit 2020 naar 2021.

 

Bestemmingsreserve Windpark Hartelbrug II

Het lastenbudget en de dekking uit de reserve Windpark Hartelbrug II wordt voor € 200 in 2021 naar boven bijgesteld. Dit komt omdat het project van 2020 doorgeschoven is naar 2021.

 

Versterking omgevingsveiligheidsdiensten

In de septembercirculaire 2020 heeft het Rijk een doeluitkering van € 1,3 mln beschikt voor de uitvoering van externe veiligheidstaken door de Omgevingsdiensten. De kosten voor de uitvoering zullen vanaf 2021 tot en met 2024 worden gemaakt. De verwachting is € 317 per jaar.

 

Technische wijzigingen

Op taakveld Milieubeheer - Duurzaam, bodem, geluid en handhaving zijn er diverse technische wijzigingen geweest (van - € 195 in 2021 tot - € 914 in 2025). Direct achter de technische wijziging is het effect op het saldo weergegeven.

De grootste technische wijzigingen zijn een actualisatie van het personele budget als gevolg van een reorganisatie binnen het programma Stedelijke inrichting en ontwikkeling (van - € 1,2 mln in 2021 tot 2025), de juiste allocatie van huurkosten Floating Office Rotterdam (FOR) (€ 325 in 2021 tot 2023), een budgetoverheveling voor personeelsinzet ETF (€ 94 in 2021) binnen het programma Stedelijke inrichting en ontwikkeling, een actualisatie van de capaciteitsplanning (- € 133 in 2021 tot - € 156 in 2025), een budgetoverheveling Versterking omgevingsveiligheidsdiensten (€ 109 in 2021 tot 2024) naar het programma Openbare Orde en Veiligheid, doorbelasting overhead van projecten (van € 178 in 2021 tot € 36 in 2025) vanuit het taakveld Overhead en diverse kleine technische wijzigingen in 2021 tot en met 2025 (van € 180 in 2021 tot € 296 in 2025).

Omschrijving taakveld en vervolg taakvelddoelstellingen

Vervolg taakvelddoelstellingen

  • verminderen van geluidsoverlast
  • een betere regie op het gebruik van de ondergrond een adequaat extern veiligheidsniveau voor alle inwoners
  • verduurzaming van de gemeentelijke bedrijfsvoering en verduurzaming gemeentelijk vastgoed

 Omschrijving taakveld

Nederland moet in 2050 een land zijn zonder CO2 uitstoot en met een volledig circulaire economie. Daar moet nu mee begonnen worden. Ook Rotterdam heeft hierin een belangrijke opgave. Prioriteit ligt daarom bij de uitvoering en ondersteuning van activiteiten voor het realiseren van de energietransitie in gebouwde omgeving en mobiliteit, de omslag naar een circulaire economie, het verbeteren van de luchtkwaliteit, vergroting van de veerkracht van de stad, in combinatie met de vergroening, waterveiligheid en transformatie naar een nieuwe duurzame economie.

We zetten in op een fijne woon- en leefomgeving voor alle Rotterdammers: schoner, groener en gezonder. In het taakveld Milieubeheer wordt ingezet op maatregelen die de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, schone lucht, minder geluidsoverlast en schonere en veiliger bodems bevorderen en zo een bijdrage leveren aan een rijke en stabiele biosfeer en daarmee aan een aantrekkelijke leefomgeving. Dit vergt vooral  focus op anders werken: die keuzes krijgen waarde als we ze omzetten in kansen door integraler en slimmer te weken. Dus zetten we de energietransitie in als vliegwiel voor duurzame bedrijvigheid, voor nieuwe werkgelegenheid en het aantrekkelijker maken van woningen en wijken.